Van Ego-naar-Eco: Triple Helix Netwerken ontwikkelen tot Lerende Ecosystemen

Van de zorg tot het openbaar vervoer, van het openbaar bestuur tot onderwijs; op steeds meer economische en maatschappelijke terreinen ontstaan samenwerkingsverbanden, vaak tussen overheden, bedrijven en kennisinstellingen, die dan wordt aangeduid met triple helix.
Ze kunnen zich ontwikkelen van tamelijk formele constructies tot ‘levende ecosystemen’ en hebben vaak de ambitieuze opdracht om maatschappelijke kernprocessen goed te ‘bestieren’.
In toenemende mate bepaalt de kwaliteit van de samenwerking tussen de stakeholders van deze netwerken de strategische en operationele slag- en innovatiekracht.
Is het realiseren van hoogwaardige samenwerking binnen een afzonderlijke organisatie al een ‘topprestatie’, dat geldt in het kwadraat voor ecosystemen, omdat die bestaan uit een gezelschap spelers dat nog veel complexer qua samenstelling is en dynamischer qua processen?

Een bekend voorbeeld in Noord-Brabant is de succesvolle triple helix-samenwerking onder de titel Brainport 2020. Inmiddels organiseren ook andere regio’s in Europa en daarbuiten triple helix-netwerken Tegelijkertijd lijken de nodige samenwerkingsverbanden (ver) ónder hun kunnen te presteren, of lopen ze na verloop van tijd zelfs helemaal vast. Hoe kan dat? En hoe kunnen we samenwerkingsverbanden en netwerken naar het plan tillen van zichzelf ontwikkelende, lerende ecosystemen?

Met deze vragen gingen Jonkergouw Creating Solutions en The Social Innovators sinds 2012 aan de slag. BrabantKennis bood vanaf begin 2014 een platform waarop de tussentijdse resultaten met partners werden besproken. Op de site van BrabantKennis staan een samenvatting van dit eerste rapport en een interview met Ger Jonkergouw (http://brabantkennis.nl/van-ego-naar-eco/).

In het document dat hier gedownload kan worden doen we verslag van het onderzoek naar lerende ecosystemen (“Van Ego naar Eco; Triple Helix netwerken op Weg naar Lerende Ecosystemen”).
In de vorm van een zestal ontdekkingen wordt verslag gedaan van de bevindingen. Daaraan voorafgaand wordt een framework beschreven met verschillende archetypen van samenwerkingsverbanden en van onderscheiden leerprocessen om van het ene in het andere archetype te migreren: van Ego naar Eco. Daarbij wordt uitgegaan van het bestaan van een oorzakelijk verband tussen het presteren van een community en de mate waarin de leden daarvan innerlijk en onderling verbonden zijn. En er wordt geconstateerd dat ten aanzien van deze relatie een blinde vlek lijkt te bestaan. Een ‘lerende’ community kan vooral een regionaal karakter hebben, maar ook een internationaal ecosysteem zijn, waarin bijvoorbeeld ondernemingen met een duurzame missie en strategie nauw samenwerken met NGO’s, overheden, onderwijsinstellingen, R&D-labs, burgerinitiatieven. Voor zo’n laatste context is in 2014, samen met Rob Bloemink, een artikel geschreven met de titel: “Reflecties op Leiderschap en Leiderschapsontwikkeling in een Tijdperk van Ecosystemen”. Dat kan hier worden gedownload.

Onze cultuur maakt op dit moment diverse grote omslagen of transities door. In het rapport wordt de omslag van Ego-naar-Eco geduid als een even fundamenteel en noodzakelijk als verwarrend proces. Dat vraagt om nieuwe manieren van samenwerken, leren en oefenen, uitproberen en samenleven.

Mocht u na het lezen van één van de documenten over deze materie in dialoog willen, interessante casussen willen delen en/of feedback willen geven, dan bent u van harte welkom.
Ik hoop dat het rapport bijdraagt aan het beantwoorden van de dringende en uitdagende vraag naar hoe de volgende stap te zetten in onze ontdekkingsreis naar nieuwe, betere maatschappelijke verbanden.
Om met Ben Okri te spreken: “One great thought can alter the future. One revelation. One dream. But who will dream that dream? And who will make it real?” (Infinite Riches).